Terug naar alle artikelen
Nieuws

Prinsjesdag 2026: wat verandert er voor elektrisch rijden?

Het kabinet heeft op 15 september 2026 het Belastingplan 2027 ingediend. Voor de inruilregeling stond de kern toen nog open. Tien dagen later kwam die er wel: het ministerie streeft naar openstelling op 1 december 2026, met € 5 miljoen aan budget bij de start.

Het Binnenhof in Den Haag met Nederlandse vlaggen en het koffertje van Prinsjesdag, met rechts een elektrische auto aan de laadpaal

📋 Samenvatting

  • Uit de begroting van Infrastructuur en Waterstaat blijkt dat € 11,7 miljoen voor de inruilregeling doorschuift naar 2027, omdat de voorbereiding vertraging heeft opgelopen.
  • Op Prinsjesdag stond er nog geen openingsdatum in de stukken. Op 25 september noemde het ministerie 1 december 2026 als streefdatum, met € 5 miljoen aan budget bij de start.
  • Op Prinsjesdag waren het subsidiebedrag, de inkomensgrens en de voertuigeisen nog niet bekend. Op 21 september volgde de uitwerking.
  • Geldend recht blijft ongewijzigd: bijtelling 20 procent in 2027, pseudo-eindheffing 12 procent, MRB-korting 30 procent tot en met 2028.
  • Nieuw voorgesteld: vier versoepelingen van de pseudo-eindheffing, een greentimerregeling vanaf 2029 en een youngtimergrens van 17 jaar.

Op 15 september 2026 zijn de Miljoenennota en het pakket Belastingplan 2027 ingediend bij de Tweede Kamer. Voor wie elektrisch rijdt of daarover nadenkt, zat de spanning bij de inruilregeling voor tweedehands elektrische auto’s. Die is niet ingevuld. Wel staat er in de begrotingsstukken iets dat de planning raakt.

Hieronder staat per onderwerp wat geldend recht is, wat het kabinet voorstelt en wat nog niet bekend is. Dat onderscheid is dit jaar belangrijker dan anders, omdat het pakket nog door de Tweede en de Eerste Kamer moet.

De inruilregeling: streefdatum en budget

De belangrijkste zin over de inruilregeling staat niet in het Belastingplan maar in de begroting van Infrastructuur en Waterstaat voor 2027, in de toelichting op de kasschuiven:

Daarnaast wordt er € 11,7 miljoen naar 2027 geschoven voor de inruilregeling van brandstofauto’s. Door vertraging in de voorbereidende werkzaamheden van de inruilregeling kunnen de eerste uitbetalingen pas begin 2027 plaatsvinden.

Bron: begroting Infrastructuur en Waterstaat 2027, paragraaf 1.3.

Let op de precieze formulering. Er staat niet dat de openingsdatum verschuift. Er staat dat de eerste uitbetalingen pas begin 2027 kunnen plaatsvinden. Praktisch gezien betekent dat: ook als het loket op 1 december opengaat, hoeft u dit jaar geen geld op uw rekening te verwachten.

Tien dagen later komt in de antwoorden op Kamervragen bij de wijziging van de begrotingsstaten nog een kasschuif langs, maar dan van € 1,7 miljoen. Daarover schrijft het ministerie dat het uitstel van kasuitgaven is en geen uitstel van de regeling: RVO factureert het ministerie naar verwachting pas begin 2027, waardoor de uitgaven pas dan in de boeken komen. Dat zijn twee verschillende bedragen en twee verschillende bewegingen, en wij zetten ze hier niet op één hoop. Wat ze gemeen hebben: geld dat voor 2026 in de boeken stond, wordt in 2027 uitgegeven. Over de opening zegt geen van beide iets.

De budgetregel zelf staat in dezelfde begroting, op artikel 14 onder de post inruilregeling brandstofauto’s:

JaarBudget
2026€ 1,708 miljoen
2027€ 30,193 miljoen
2028€ 20,499 miljoen

Samen € 52,4 miljoen. Dat komt overeen met de eerder aangekondigde orde van grootte, maar nu met de exacte bedragen erbij. Het zwaartepunt ligt onmiskenbaar in 2027.

Deze tabel komt uit de begroting van 15 september. In de antwoorden van 25 september gaat het over € 5 miljoen bij de opening. Die antwoorden horen bij een wijziging van de begrotingsstaten voor 2026, dus de cijfers hierboven zijn niet het laatste woord. Hoe de twee bedragen zich precies tot elkaar verhouden, staat in geen van beide stukken. Wij vullen dat niet in.

Een openingsdatum stond niet in de Prinsjesdagstukken. Op 21 september noemde RVO in de uitvoeringstoets het vierde kwartaal van 2026 als gewenste opening, met het tweede kwartaal van 2027 als alternatief. Op 25 september werd het concreter. In de antwoorden op Kamervragen schrijft het ministerie: “Er wordt naar gestreefd de inruilregeling op 1 december 2026 open te stellen, met een beschikbaar budget van € 5 miljoen.” Het woord streven staat er niet voor niets; een toezegging is het niet.

Dat budget bij de start is klein. Van de € 52,4 miljoen die voor de hele regeling is gereserveerd, inclusief uitvoeringskosten, is bij de opening € 5 miljoen beschikbaar. Gaat dat bedrag volledig naar aanvragers, dan zijn dat ruwweg 800 toekenningen van € 6.000 of 1.250 van € 4.000. Dat is onze eigen rekensom; het ministerie noemt geen aantal. Wat er gebeurt als dat bedrag op is, staat nergens. Meer achtergrond staat in onze analyse van de inruilregeling.

Geldend recht: dit staat vast voor 2027

Deze maatregelen zijn al aangenomen en gaan per 1 januari 2027 in. Ze staan los van wat er nu is voorgesteld.

Bijtelling naar 20 procent

Voor een elektrische auto die in 2027 voor het eerst wordt toegelaten, geldt 20 procent bijtelling over de eerste € 30.000 van de cataloguswaarde en 22 procent daarboven. Dit jaar is dat nog 18 procent. De maximale korting daalt daarmee van € 1.200 naar € 600 per jaar. Vanaf 2028 vervalt de korting en geldt 22 procent over de volledige waarde.

Het percentage blijft 60 maanden aan de auto verbonden, gerekend vanaf de eerste dag van de maand na de maand van eerste toelating. Wie dit jaar nog een auto laat toelaten, houdt dus vijf jaar lang 18 procent. De uitwerking staat in bijtelling elektrische auto in 2026 en 2027.

Pseudo-eindheffing van 12 procent

Werkgevers die vanaf 1 januari 2027 een niet-emissievrije personenauto ter beschikking stellen voor privégebruik, betalen 12 procent van de cataloguswaarde als extra heffing. Die wettelijke term is ruimer dan “fossiel”: benzine, diesel, hybride en plug-inhybride vallen er allemaal onder. De heffing komt voor rekening van de werkgever. Voor auto’s die dezelfde werkgever vóór 2027 al ter beschikking stelde, geldt overgangsrecht tot en met 16 september 2030. Vanaf 17 september 2030 valt ook deze groep onder de pseudo-eindheffing. Het overgangsrecht is gekoppeld aan de auto én de werkgever: bij een fusie of overname gaat het mee naar de nieuwe werkgever, maar gaat de auto met de berijder mee naar een andere werkgever, dan vervalt het. Bestelauto’s en motoren zijn uitgezonderd. Zie ons artikel over de pseudo-eindheffing.

Motorrijtuigenbelasting

De korting van 30 procent voor volledig elektrische personenauto’s loopt door tot en met 2028. In 2029 daalt die naar 25 procent en vanaf 2030 vervalt de korting. In het Prinsjesdagpakket is geen nieuw afbouwpad voorgesteld, dus deze planning blijft vooralsnog gelden. Elektrische bestelwagens en plug-in hybrides hebben geen overgangsregeling. Wat dat voor uw auto betekent, leest u bij de MRB-korting.

Kilometervergoeding van 25 cent

De onbelaste reiskostenvergoeding is € 0,25 per kilometer, met terugwerkende kracht tot 1 januari 2026. Dat is geen nieuws van Prinsjesdag: het geldt al via een beleidsbesluit van dit voorjaar en het Belastingplan 2027 legt het alleen wettelijk vast. Het gaat om het maximale bedrag dat onbelast mag worden vergoed, niet om een verplichting voor de werkgever.

Kabinetsvoorstel: dit moet nog door de Kamers

De Tweede Kamer behandelt het pakket in oktober, de Eerste Kamer in december. Tot die tijd zijn dit voorstellen.

Vier versoepelingen van de pseudo-eindheffing

De heffing zelf verandert niet, de uitzonderingen wel. Voorgesteld wordt:

Dat laatste is strikt: bij meerdere perioden vervalt de uitzondering volledig, ook als die samen korter dan zeven dagen duren. Daarnaast komt er een anticumulatiebepaling, zodat deze heffing niet samenloopt met de pseudo-eindheffing op hoge vertrekvergoedingen.

Greentimerregeling vanaf 2029

Nieuw is een regeling voor gebruikte elektrische auto’s. Het voorstel: vanaf 2029 geldt voor een elektrische auto van vijf tot acht jaar oud gedurende maximaal drie jaar een bijtelling van 14 procent. Auto’s kunnen tot en met 2032 instromen; de laatste groep stroomt in 2035 weer uit. De Miljoenennota noemt bij deze regeling geen maximale cataloguswaarde, terwijl een eerdere verkenning uitging van € 65.000. De precieze wettelijke uitwerking moet nog volgen. Alles wat er nu over bekend is, staat in ons artikel over de greentimerregeling vanaf 2029.

Youngtimergrens naar 17 jaar

De eerder besproken verhoging naar 25 jaar gaat niet door. Voorgesteld wordt de leeftijdsgrens in 2027 op 17 jaar te zetten en vanaf 2028 structureel op 20 jaar. Voor bepaalde auto’s die uiterlijk 31 december 2025 al ter beschikking stonden en in 2027 de leeftijd van 17 jaar bereiken, geldt aanvullend overgangsrecht. Voor de youngtimerregeling wordt gerekend met de waarde in het economische verkeer in plaats van de cataloguswaarde.

EIA en brandstofaccijns

De energie-investeringsaftrek gaat volgens het wetsvoorstel van 40 naar 45,5 procent. Dat percentage stond al in de voorlopige inhoud van juni en is dus geen Prinsjesdagnieuws. Let op het verschil met MIA en Vamil: dat zijn andere regelingen met een eigen lijst. De accijnskorting op benzine en diesel loopt door tot en met 2027, wordt in 2028 lager en vervalt per 1 januari 2029.

Wat na Prinsjesdag is uitgewerkt

De Prinsjesdagstukken lieten de voorwaarden open. In de Kamerstukken van 21 en 25 september staan inmiddels conceptvoorwaarden en een streefdatum. Die zijn nog niet definitief vastgesteld en het loket is niet open: er valt op dit moment niets aan te vragen.

Wat u nu kunt doen

Denkt u aan de inruilregeling, dan zijn twee dingen van belang. 1 december 2026 is een streefdatum en geen toezegging, en het budget bij de opening is € 5 miljoen. Reken niet op een uitbetaling in 2026. Zoek intussen de emissieklasse van uw huidige auto op via de kentekencheck van de RDW: volgens de conceptregeling geldt maximaal emissieklasse 4. Leg ook uw kentekenpapieren en inkomensgegevens klaar.

Koop nog geen occasion vooruitlopend op de regeling. De volgorde van sloop en aankoop ligt niet vast en zolang de uitvoeringsregels ontbreken, is niet te zeggen welke aankopen meetellen. Onze beslishulp over wachten of nu kopen helpt bij die afweging.

Rijdt u zakelijk, dan loopt er juist een termijn af. Een auto die dit jaar nog wordt toegelaten, houdt 60 maanden het tarief van 18 procent. Waar u op let bij het kiezen van een dealer of leasemaatschappij, staat in onze keuzegidsen.

Veelgestelde vragen

Is de inruilregeling voor tweedehands EV’s uitgesteld?

Nee, maar open is hij ook nog niet. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat streeft naar openstelling op 1 december 2026, met € 5 miljoen aan budget bij de start. Het ministerie noemt dat een streven, geen toezegging. In de begroting van Prinsjesdag schuift € 11,7 miljoen door naar 2027 omdat de voorbereiding vertraging heeft opgelopen. Over een latere kasschuif van € 1,7 miljoen schrijft het ministerie dat het uitstel van kasuitgaven is en geen uitstel van de regeling. Reken in 2026 niet op geld op uw rekening.

Hoeveel subsidie krijg ik met de inruilregeling?

De Prinsjesdagstukken noemden die details nog niet. In de uitwerking van 21 september worden volgens voorlopige berichtgeving € 6.000 en € 4.000 genoemd, afhankelijk van het individuele verzamelinkomen. De uitvoeringstoets van RVO bevestigt onder meer een minimuminkomen van € 12.500, een maximum van 130 procent van het sociaal minimum voor een tweepersoonshuishouden en een catalogusprijs van € 12.000 tot € 60.000. De definitieve regeling is nog niet vastgesteld.

Welke belangrijke autoregels gelden vanaf 1 januari 2027?

Drie dingen staan vast. De bijtelling voor nieuwe elektrische auto’s stijgt van 18 naar 20 procent over de eerste € 30.000. Werkgevers betalen 12 procent pseudo-eindheffing over niet-emissievrije personenauto’s die zij ter beschikking stellen. En de MRB-korting van 30 procent blijft tot en met 2028 gelden.

Wat is de greentimerregeling?

Een voorstel voor gebruikte elektrische auto’s. Vanaf 2029 zou voor een elektrische auto van vijf tot acht jaar oud gedurende maximaal drie jaar 14 procent bijtelling gelden. Instromen kan tot en met 2032 en de laatste groep stroomt in 2035 uit. Het is nog geen geldend recht.

Staat het Belastingplan 2027 al vast?

Nee. Het pakket is op 15 september 2026 ingediend en wordt in oktober door de Tweede Kamer behandeld en in december door de Eerste Kamer. Wat op deze pagina als kabinetsvoorstel staat, kan dus nog wijzigen. Wat als geldend recht staat, is eerder al aangenomen.

Zelf uitrekenen wat elektrisch u kost?

Zet een elektrische auto naast een benzineauto en zie het verschil in maandlasten voor uw eigen situatie.

Naar de kostenvergelijker

Bronnen

Aan dit artikel kunnen geen rechten worden ontleend. Wat hierboven als kabinetsvoorstel staat, moet nog door de Tweede en de Eerste Kamer en kan wijzigen. Wij werken deze pagina bij zodra de Kamers het pakket hebben behandeld.

📤 Dit artikel delen